Zwangerschap: vroegtijdige weeën en vroeggeboorte

Bij een normale zwangerschap volgt de bevalling tussen de 37 en 42 weken. Een bevalling voor die tijd noemen we ook wel een preterme bevalling (vroeggeboorte). In Nederland wordt 7-8% van alle baby's te vroeg geboren. Het kind is dan bij de geboorte nog onrijp en heeft extra medische zorg nodig. Zo’n te vroeg geboren kind noemen we een premature baby. Wanneer weeën meer dan drie weken voor de uitgerekende datum optreden, spreken we van vroegtijdige weeën.

Oorzaken

Soms begint een voortijdige bevalling met het breken van de vliezen. Vaak is de oorzaak van vroegtijdige weeën en vroeggeboorte onbekend. Uw voorgeschiedenis speelt een rol bij de kans op vroeggeboorte. Andere oorzaken kunnen te maken hebben met omstandigheden of problemen in uw huidige zwangerschap.

Behandeling van een dreigende vroeggeboorte

De behandeling van vroegtijdige weeën heeft als doel het tijdstip van de bevalling uit te stellen en ervoor te zorgen dat de geboorte van het kind plaatsvindt in een optimale situatie. De behandeling is afhankelijk van de duur van de zwangerschap, uw conditie en die van uw kind, en natuurlijk van de mate van ontsluiting. De gynaecoloog kan medicijnen voorschrijven om de weeën te remmen (weeënremmers). Voor 34 weken zwangerschapsduur schrijft de gynaecoloog bij weeënremming vrijwel altijd ook corticosteroïden aan de moeder voor, een stof die de rijping van de longen en andere organen van het kind bevordert.

Vroeggeboorte vóór 32 weken

Het is gebruikelijk de geboorte van kinderen die nog geen 32 zwangerschapsweken oud zijn in een centrumziekenhuis te laten plaatsvinden, dat over een neonatale intensive-care-unit (NICU) beschikt. Als het niet lukt om de weeënactiviteit af te remmen bij een kortere zwangerschapsduur wordt u overgeplaatst naar zo’n centrum.

Meer informatie