Curettage

Bij een curettage schraapt de gynaecoloog een laagje van het weefsel van de binnenkant van uw baarmoeder. Er zijn verschillende redenen om een curettage te verrichten:

Diagnostische curettage

Een diagnostische currettage wordt uitgevoerd om meer informatie te verzamelen over het inwendige van de baarmoeder, zodat de gynaecoloog een betere diagnose kan stellen. De curettage gebeurt met een soort lepeltje, de zogenaamde curette. Vervolgens gaat dit weefsel voor onderzoek naar het laboratorium, waar het onder de microscoop wordt onderzocht.

Een diagnostische curettage kan nuttig zijn bij abnormaal en/of hevig bloedverlies tijdens de menstruatie, bloedverlies tussen twee menstruaties in of bij bloedverlies tijdens of na de overgang. Soms wordt de curettage gecombineerd met een hysteroscopie, waarbij de arts in de baarmoeder kijkt. 

Zuigcurettage

Een zuigcurettage wordt uitgevoerd vanwege een miskraam. Hierbij gebruikt de gynaecoloog geen curette, maar een speciaal afzuigslangetje. Voor een zuigcurettage wordt u één dag in het ziekenhuis opgenomen. Bij problemen of complicaties kan een langere ziekenhuisopname nodig zijn. De ingreep wordt meestal uitgevoerd onder een lichte, algemene narcose uitgevoerd. Een verdoving door middel van een ruggenprik is soms ook mogelijk.

Na de behandeling

Na deze ingreep kunt u last krijgen van buikkrampen. Hiervoor kunt u als pijnstiller paracetamol tabletten gebruiken. De eerste twee weken kan er nog sprake zijn van bloedverlies. U mag weer gemeenschap hebben nadat het vloeien gestopt is. Over het algemeen komt de eerstvolgende menstruatie gewoon op het moment dat u deze normaal zou verwachten. Na een curettage vanwege een miskraam kan de menstruatie langer op zich laten wachten. Meestal gebeurt dat na vijf à zes weken en soms nog later. In die tussentijd kunt u af en toe een beetje bloed verliezen.